Balen…omdat het resultaat tegen valt.

Ik heb al een lange tijd en fascinatie voor mode designs waar strepen in verwerkt zijn. Geen recht toe recht aan strepen, maar op biais, schuin op de stof geknipt. Ik weet wel dat dat lastige en tijdrovende naaiprojecten zijn…. die overigens veel stof verbruiken. Daarom dat zulke naaiprojecten tot hiertoe  nooit op mijn naaitafel zijn geland.
Tot nu dus…onlangs ondernam ik maar liefst 2 streep-projecten. Ah ja, het patroon is op maat, het patroon klopt (juiste knipjes enzo, je weet wel…) én het model was al een paar keer succesvol gebleken. Maar, toch ging het mis, tot 2 x toe.
Dommie dom, zou mijn zoontje zeggen.
Want de eerste keer maakte ik een serieuze fout uit onwetendheid. De tweede keer was ik overmoedig, want ik had eigenlijk te weinig stof om de streepjes perfect te laten uitkomen. En toch ging ik er mee voort, koppig, koppig, koppig….
Wat liep er dan mis en uit welke fouten kunnen we leren?

 

Let’s dive into the stripes!

De Claire Bloes

Bij het eerste naaiproject heb ik heel veel tijd gestoken in het inleggen van de patroondelen. Het was een bloes met kraag, rugpas, deelnaden, lange mouw met manchet. Ik wilde elk onderdeel in een andere richting laten lopen. Denk dat ik wel een dag bezig ben geweest met het gepuzzel op de stof.
Het is pas wanneer ik het knopenpad in elkaar stikte, dat mijn frangetje viel. Ik had de rand van het patroondeel gebruikt als referentiepunt. Maar in het afgewerkt kledingstuk is dat helemaal niet de rand. Het knopenpad wordt omgevouwen, dus de match klopt dan niet meer.
Dus les 1, denk goed na over het referentiepunt en vouw de naadwaarde of overslagwaarde om tijdens het puzzelen. Nadien moet je ze terugvouwen, want het moet wel effectief mee uit stof geknipt worden.

Hals 7, halsreeks 2:

Het tweede naaiproject was een mouwloos bloesje, getekend volgens de principes van hals 7 uit reeks2. Hier was ik te snel en té enthousiast. Al het goede denkwerk dat ik deed bij het eerste project, was ik blijkbaar vergeten. De voorpanden heb ik naast elkaar gespiegeld, maar de rugpanden boven elkaar.
Resultaat: de V-punt op MV klopt niet, de lijntjes komen uit, maar niet de kleurinvullingen. Op MR is het wel een perfecte match. Had ik maar de omgekeerde keuze gemaakt! En tegen de tijd dat ik het in de smiezen had, waren de voorpanden al geknipt en was er te weinig stof over om het opnieuw te doen.
Les 2, word niet overmoedig.

Dit laat me nu niet meer los!

Ik wil alle ‘in and outs’ weten over het gebruik van stof met strepen en hoe de patroondelen erop te schikken, want mijn volgende strepenproject moet een topper worden, een kanjer van formaat! De mega max factor, het wauw moment, een tong-dropper, fashion item of the year….enfin, ge snapt wat ik bedoel.
Ik dook vandaag dus in mijn illustrator software en maakte een aantal simulaties.
Ik kwam daarbij op een aantal conclusies die ik graag met jullie deel.

De Grote Strepen Studie.

Doelstelling:

  • ik wil met de lijnen van het motief een V-vorm creëren op de MV en op de MR lijn.

Vraagstelling:

  • in welke richting spiegel ik de patroondelen?
  • welke invloed heeft de oriëntatie van de streep? verticale-horizontale- diagonale streep
  • welke invloed heeft het ritme van het motief? ritmisch-niet ritmisch

Tip: Teken de nieuwe draadrichting op je patroondelen.

Standaard worden patroondelen voorzien van een recht-van-draad lijn. Deze geeft de richting aan hoe je het patroon op de stof dient te leggen. Doorgaans is dat in de lengterichting. Bij biais leggen we dat in een hoek van 45° op de recht-van-draad.
Teken daarom op je patroon 2 lijnen die op 45° graden liggen van je draadrichting-pijl. Deze nieuwe lijnen helpen je om je patroondelen ook echt in de juiste hoek te leggen. Je wil geen half-en-half biais.

Conclusie 1: kies het juiste punt om de streepjes te laten matchen

Als je strepen schuin wil laten lopen in je ontwerp, komen de lijnen op een bepaalde plaats weer mooi samen, om vervolgens in de omgekeerde richting verder te lopen. Dat punt is vaak op de middenvoor en/of middenrug van je ontwerp/patroon.
Wat ik over het hoofd heb gezien bij mijn eerste project, de Claire Bloes, is dat het patroon voorzien was van een knopenpad. Dus de uiteindelijke rand van mijn patroon is niet de middenvoor, maar wel een rand die naar binnen wordt omgeslagen om de knopen en knoopsgaten in te verwerken. En dat zie je dus in het eindresultaat.
Als ik tijdens het puzzelen op de stof, mijn knopenpad tijdelijk had omgevouwen, dan hadden de lijnen op MV wel mooi uitgekomen. Pas als elk deel goed geschikt is, kan je het knopenpad weer.

 

Conclusie 2: let op de spiegeling van je design!

Strepen kunnen ritmisch zijn of niet ritmisch.
Varieert de tekening in de breedte en blijft deze in de lengte hetzelfde= niet-ritmisch; verticale oriëntering.
Als je de patroondelen boven elkaar schikt, dan spiegel je het tweede patroondeel én leg  je het ondersteboven.
Als je je patroondeel spiegelt van links naar rechts, dan krijg je een ander strepenpatroon op je patroondeel links tov je patroondeel rechts.
Varieert de tekening niet in de breedte noch in de lengte= ritmisch; verticale oriëntering
Dan kan je ze naast elkaar schikken, dan hoef je tweede deel enkel te spiegelen, maar niet ondersteboven te leggen.

 

Conclusie 3: diagonale oriëntatie stelt je logisch redeneren serieus op de proef!

Wow, na al dat gepuzzel en meedraaien met m’n hoofd langs het scherm, heb ik het gevonden.
Bij diagonale oriëntatie leg je 1 deel verticaal en het andere dwars. Hierbij dien je wel op te letten in welke richting, met MV naar boven of naar beneden toe. Dat maakt ook nog eens een verschil.
Ter info: deze conclusies zijn enkel genomen op basis van digitale bewerkingen. Ze zijn nog niet in praktijk omgezet.

Wat hebben we vandaag geleerd?

  • teken de nieuwe draadrichting op je patroondelen
  • vouw naadwaarden en overslagwaarden weg, om de middenvoor of middenrug mooi op de stof te kunnen puzzelen
  • spiegel van onder naar boven of van links naar rechts naargelang ritme en orientatie van het strepenmotief
  • bepaal voldoende referentiepunten op je patroon, gebruik hiervoor bestaande merktekens op je patroon (knip op middenvoor, een hoekpunt, knip in het armsgat…)
  • heb geduld…
Denk jij nu ook ‘dommie dom’, weet je het beter of heb je een supertip?
Laat het ons zeker weten via een reactie op deze blog.
Was deze info nuttig of heb je nog een vraag, dan horen we het ook graag.